English / Dutch [+/-]

Business-to-Business (B2B), Enterprise Service Bus (ESB), Service Oriented Architecture (SOA)
Inter Enterprise Business Hub (IEBH), Project Management, Open Source Solutions
Electronic Invoicing, Electronic Invoice Presentment & Payment (EIPP), E-Procurement, E-Commerce
De wereld van Internetapplicaties en Open Source Oplossingen.
The world of Internet applications and Open Source Solutions.
Find the Electronic Business Knowledge Village (EBKV) on Linkedin
Join Platform eZakendoen on LinkedIn


Verzeker u van 2 GB gratis opslagruimte.

Get Mozy Free


Creative Commons License
Op dit werk is een Creative Commons Licentie van toepassing.

December 2009
M T W T F S S
« Oct    
 123456
78910111213
14151617181920
21222324252627
28293031  
View danga's profile on LinkedIn




Gratis Opslagruimte voor Windows

Get 2 GB of 100% free backup space.

Get Mozy Free


Transformatie van EDIFACT berichten met Open Source gereedschappen

De Economische Commissie voor Europa van de Verenigde Naties UN/ECE (United Nations Economic Commission for Europe) is midden de jaren ‘80 gestart met de ontwikkeling van de UN/EDIFACT (United Nations Electronic Data Interchange for Administration, Commerce and Transport) standaard voor EDI. In 1988 is de UN/EDIFACT standaard door de Internationale Organisatie voor Standaardisatie (ISO) overgenomen onder de ISO standard ISO 9735.

De UN/EDIFACT standaard is daarna gaandeweg uitgegroeid tot de internationale standaard voor Electronic Data Interchange. Maar met de opkomst van XML standaarden staat EDIFACT al enkele jaren sterk onder druk. Niettemin blijkt dat de UN/EDIFACT standaard wereldwijd nog steeds veelvuldig gebruikt en geïmplementeerd wordt.

De UN/EDIFACT standaard heeft zich naast de syntax vooral gericht op inhoudelijke standaardisatie, de semantiek. Daarin schuilt dan ook de kracht van EDIFACT.

De XML standaarden hebben vooral problemen met functionele standaardisatie. Een universele methodiek voor standaardisatie zoals de Core Components van de UN/CEFACT is nog niet algemeen geaccepteerd en doorgevoerd. Lees hierover meer in mijn bloart Hoe lossen we het interoperabiliteitsvraagstuk op ?. Hierdoor ontstaan verschillende onsamenhangende en incompatibele alsook gefragmenteerde standaarden.

De benadering die gevolgd wordt door ontwikkelaars van XML standaarden is scheiding van functionaliteit en techniek. De voorbije jaren heeft vooral de techniek van XML volop aandacht gekregen en de hoeveelheid Open Source gereedschappen voor het werken met XML is gigantisch toegenomen. Open Source transformatiegereedschappen waaronder XAware en Chainbuilder bieden helaas geen ondersteuning voor de UN/EDIFACT standaard of daarvan afgeleide standaarden. De aandacht voor de techniek van XML is de voornaamste reden hiervoor.

De noodzaak naar ondersteuning van de UN/EDIFACT standaard zal echter de komende jaren blijven bestaan. Vrij regelmatig wordt ik dan ook gevraagd wanneer deze functionaliteit beschikbaar komt. Open Source transformatiegereedschappen die hierin voorzien gaan sneller geadopteerd worden. Tevens zal de noodzaak naar commerciële EDIFACT vertaalsoftware dan verdwijnen.

Mogelijk zullen de aanbieders van deze commerciële transformatiesoftware overwegen, waarschijnlijk gebeurt dat nu al, om hun producten onder een Open Source licentie beschikbaar te stellen. Zo zouden bedrijven als Sun Microsystems en IBM een flink aandeel op dit domeingebied in de Open Source markt kunnen veroveren wanneer zij hun transformatiegereedschappen voor JCAPS (Sun) en voor WebSphere (IBM) zouden vrijgeven. De eerste stappen in die richting worden gezet. Sun Microsystems, de grote sponsor achter het Open Source project OpenESB, geeft aan in de toekomst componenten van OpenESB op te nemen in Java CAPS. Met de start van het Open Source project Fuji wordt een begin gemaakt met het ontwikkelen van Sun’s next generation open source integration runtime.

XAware en Chainbuilder zouden weleens het standaard transformatiegereedschap voor OpenESB kunnen worden. Ik heb me zelf opgeworpen om binnen de XAware community de kar te trekken voor de realisatie van EDIFACT transformatiefuncties en misschien is het mogelijk om gelijktijdig de oplossing voor Chainbuilder te realiseren.

The United Nations Economic Commission for Europe UN/ECE started in the mid’ 80 with the development of the UN/EDIFACT (United Nations Electronic Data Interchange for Administration, Commerce and Transport) standaard for EDI. In 1988 the UN/EDIFACT standaard has been adopted by the International Organisation for Standaardisation (ISO) under the ISO standard ISO 9735.

The UN/EDIFACT standard has gradually grown to the international standard for Electronic Data Interchange. But with the rise of XML standards EDIFACT is under pressure for several years now. However the UN/EDIFACT standard is still frequently being used and implemented globally.

The UN/EDIFACT standard has especially aimed, beside the syntax, on content standardisation, the semantics. In it the real power of EDIFACT hides.

The XML standards have especially problems with functional standardisation. A universal method for standardisation like the Core Components from UN/CEFACT has not been generally accepted and implemented. Please read more in my bloart How do we solve the interoperability question ?

Because of this several incoherent and incompatible as well as fragmented standards arise.

The approach that is followed by developers of XML standards is separation of functionality and technique.

The past years especially the technique of XML has got all the attention and the number of Open Source tools for working with XML has increased tremendous. Open Source transformation tools such as XAware en Chainbuilder unfortunately do not support the UN/EDIFACT standard or related standards. The attention for the technique of XML is the main reason for this.

The need for the UN/EDIFACT support standard will remain for the next few years. People ask me on a regular basis when this functionality will become available. Open Source transformation tools that provide this capability will be adopted much faster. The need for commercial EDIFACT translation tools will disappear.

Potentially vendors of commercial transformation software will consider, probably this already happens now, to make their products available under an Open Source license. Companies like Sun and IBM could gain a significant market share in this field area on the Open Source market if they would open up their transformation tools for JCAPS (Sun) and WebSphere (IBM). The first steps in that direction are made. Sun Microsystems, the important sponsor behind the Open Source project OpenESB, has announced to incorporate components of OpenESB in Java CAPS in the future. With the start of the Open Source project Fuji a beginning is made with the development of Sun’s next generation open source integration runtime.

XAware and Chainbuilder could eventually become the standard transformation tool for OpenESB. I have put myself forward in the XAware community (as ’sponsor’ in) driving this to realize EDIFACT transformation functions and perhaps in the meantime it is possible to realize a solution for Chainbuilder as well.

Installatie van Eclipse Mylyn

Het Eclipse Mylyn is een taak-gerichte interface voor Eclipse met als doel het verhogen van de productiviteit van ontwikkelaars. Mylyn zorgt ervoor dat de ontwikkelaar direct toegang heeft tot informatie relevant voor het werk waar deze mee bezig is. Tevens voorziet Mylyn in functionaliteit voor het opvolgen van taken. Taken kunnen lokaal worden opgeslagen maar eveneens in een webgebaseerde repository zoals Bugzilla, Trac of Jira.

Wanneer u Eclipse hebt opgestart kunt u Mylyn installeren via het menu Help > Software Updates > Find and Install.

Selecteer Search for new features to install en in het dialoogscherm Install klik op de knop New Remote Site.

In het dialoogscherm New Update Site moet u de gegevens van de update site invoeren:
Naam: Mylyn Update Manager Site
URL: http://download.eclipse.org/tools/mylyn/update/weekly/e3.3/

Klik op de knop OK om verder te gaan.

Klik daarna op de knop Finish voor het openen van het dialoogscherm Updates.

Vink de node Mylyn aan en klik op de knop Next.

Accepteer de licentievoorwaarden en klik op de knop Next.

Daarna kunt u de locatie van de plugin’s instellen als u niet wil dat deze in uw standaard Eclipse omgeving worden geïnstalleerd.

Nadat de installatie is afgerond moet Eclipse opnieuw opgestart worden.

Installatie van Eclipse Subversive

Het Eclipse Subversive project richt zich op het beschikbaar maken van Subversion (SVN) functionaliteit in de Eclipse workbench. Subversive maakt het mogelijk om op dezelfde wijze als CVS (Concurrent Versions System) met repositories te werken. Subversion is net als Concurrent Versions System een versie controle beheersysteem voor het beheren van de broncode van programma’s.

Voorheen moest u Subclipse, de Subversion plug-in van Tigris, installeren wanneer u gebruik wilde maken van Subversion functionaliteit in Eclipse. Op termijn zal Eclipse Subversive waarschijnlijk volledig worden geïntegreerd in de standaard Eclipse distributie.

Voordat u Eclipse Subversive installeert moet u zorgen dat Eclipse Mylyn is geïnstalleerd. Volg daarvoor de instructies in mijn bloart Installatie van Eclipse Mylyn.

Wanneer u Eclipse hebt opgestart kunt u Subversive installeren via het menu Help > Software Updates > Find and Install.

Selecteer Search for new features to install en in het dialoogscherm Install klik op de knop New Remote Site.

In het dialoogscherm New Update Site moet u de gegevens van de update site invoeren:
Naam: Subversive Update Manager Site
URL: http://download.eclipse.org/technology/subversive/0.7/update-site/

Klik op de knop OK om verder te gaan.

Klik daarna op de knop Finish voor het openen van het dialoogscherm Updates.

Vink de node Subversive aan en klik op de knop Next.

Accepteer de licentievoorwaarden en klik op de knop Next.

Daarna kunt u de locatie van de plugin’s instellen als u niet wil dat deze in uw standaard Eclipse omgeving worden geïnstalleerd.

Nadat de installatie is afgerond moet Eclipse opnieuw opgestart worden.

Open het menu Help en dan ziet u dat de menuoptie Subversive is toegevoegd onder Software Updates.

Om met Subversive te kunnen werken zult u een Subversive SVN Connector moeten installeren. De Subversive plug-in en Subversive SVN Connectors worden gedistribueerd via verschillende updates sites. Installeer nu de Subversive SVN Connectors.

Read more — Meer lezen

Bekijk de broncode en start Plazma ERP + CRM in Eclipse

De Plazma software bestaat uit twee componenten
- het Plazma Platform
- de Plazma Business Solutions

De softwaremodules van Plazma bestaan uit:
- bsolution:
Bevat de algemene basis en server functionaliteit met beans/persistence objects en services. De basis functionaliteit bestaat uit standaard entiteiten waaronder organization, bank, goods, product en document.

- bsolution.gui: bevat de swing client

- bsolution.rich: bevat de SWT client

- bsolution.configuration:
Bevat de systeem configuratie instellingen met ondermeer .xml- en .properties- bestanden.

- bsolution.database:
Bevat instellingen voor de verschillende databases die worden ondersteund en daarnaast SQL scripts en initialisatie / test data voor het inrichten van de databases.

- bsolution.reportstorage: bevat de report storage

- framework: bevat het gemeenschappelijk raamwerk.

- lib: bevat de gemeenschappelijke .jar-bestanden

- rcp: bevat het raamwerk voor de rich client.

De broncode van de Plazma software kunt u gratis downloaden via:
1) CVS (Concurrent Versions System), het versiebeheersysteem dat voor het beheer van de Plazma software wordt gebruikt.

2) de download pagina op de Plazma website.

Met behulp van Eclipse kunt u daarna de broncode bekijken, onderhouden en/of eventueel aanpassen.

Download en installeer de laatste versie van Eclipse volgens de instructies in mijn bloart Downloaden en installeren van Eclipse SDK.

U kunt het bestand uitpakken naar de folder C:\ProgramFiles\eclipse-sdk-3.3.2\ of een folder van uw keuze . Klik daarna op het bestand eclipse.exe om Eclipse op te starten.

Nadat u de Eclipse SDK hebt geïnstalleerd moet u nog een specifieke werkruimte aanmaken voor uw Plazma omgeving. Volg daarvoor de instructies in mijn bloart Aanmaken van een specifieke workspace in Eclipse.

Wanneer u de broncode hebt gedownload kunt u deze op een aantal manieren overnemen in Eclipse. Dit kan door een project aan te maken gebaseerd op de broncode (1) of de broncode te importeren in uw werkruimte (2). Een andere mogelijkheid is dat u de broncode van de Plazma software download via CVS (3).

The Plazma software has two parts
- the Plazma Platform
- the Plazma Business Solutions

The software modules of Plazma are:
- bsolution:
Contains common and server functionality with beans/persistence objects and services. The common functionality consist of standard entities such as organization, bank, goods, product en document.

- bsolution.gui: contains the swing client

- bsolution.rich: contains the SWT client

- bsolution.configuration:
Contains the system configuration settings such as .xml- en .properties- files.

- bsolution.database:
Contains the settings for the supported databases and the SQL scripts, initialization / test data for setting up the databases

- bsolution.reportstorage: contains the report storage

- framework: contains the common framework

- lib: contains the common .jar- files

- rcp: contains the framework for the rich client.

You can download the source code of the software:
1) using CVS (Concurrent Versions System), the version control system used to manage the Plazma software.

2) through the download section at the Plazma website.

You can investigate, maintain and/or change the source code with Eclipse.

Download and install the latest version of Eclipse following the instructions in my bloart Download and install the Eclipse SDK.

Unzip the file you downloaded to the folder C:\ProgramFiles\eclipse-sdk-3.2.2\ or a folder of your choice and click on the executable eclipse.exe to start Eclipse.

After you have installed the Eclipse SDK you will have to create a separate workspace for your Plazma environment following the instructions in my bloart Creating a specific workspace in Eclipse.

When you downloaded the source code you can create a project based on the source code (1) or import the source code into your workspace (2). An other way is to download the source code of the Plazma software through CVS (3).

Read more — Meer lezen

Installatie en inrichten van Plazma ERP + CRM met MySQL als database

Installatie en inrichting van Plazma met MySQL
Wanneer u een eigen Plazma omgeving wil opzetten voor bedrijfsdoeleinden kunt u het beste MySQL als database inrichten. Voor de installatie van MySQL ga naar mijn bloart: Upgrade van MySQL 5.0 naar MySQL 5.1 onder Windows.

Na installatie van MySQL volg de onderstaande stappen:

- Start uw MySQL Administrator: Menu Start > Alle Programma’s > MySQL > MySQL Administrator.

Installation and setup of Plazma with MySQL
When you want to setup your own Plazma environment for Business reasons you should install and setup MySQL. For the installation of MySQL read my bloart: Upgrade of MySQL 5.0 to MySQL 5.1 under Windows.

After Installation of MySQL follow the steps below:

- Start your MySQL Administrator: Menu Start > All Programs > MySQL > MySQL Administrator.

mysql-administrator

- Open het menu Catalogs voor het overzicht van aanwezige databases

- Ga naar het overzicht, rechtermuisknop en selecteer de menuoptie Create new Schema

- Open the menu Catalogs to see the overview of available databases

- Go to the overview, press your right mouse button and select the menu option Create new Schema

mysql-create-new-schema

- Geef uw database de naam plazma_db en klik op de knop OK.

- Enter the name plazma_db for the database and click on the button OK.

plazma-create-mysql-database

Wanneer de database is aangemaakt moet nog de structuur en initiële data worden toegevoegd.

- Open het menu Tools en selecteer de menuoptie MySQL Command Line Client.

When the database is created you need to add the structure and initial data.

- Open the menu Tools and select the menu option MySQL Command Line Client.

mysql-command-line-client-start

- Op de opdrachtregel mysql> voer achtereenvolgens de volgende opdrachten uit:
mysql>\u plazma_db
mysql>\. C:\ProgramFiles\PlazmaForge\Plazma ERP+CRM 0.1.7\db\result\mysql\en\result_work_db.sql

Tip: Het script result_work_db.sql is bedoeld voor het opzetten van een productie database. Voor de demo database is er het script result_demo_db.sql.

Het enige wat u hierna moet doen is de JDBC-connectieinstellingen voor uw database vastleggen via de Configuration Manager. In de distributie van Plazma is de JDBC driver voor MySQL opgenomen in de directory /lib/jdbc/mysql/mysql-connector-java-5.0.5-bin.jar.

- On the command line mysql> enter the commands:
mysql>\u plazma_db
mysql>\. C:\ProgramFiles\PlazmaForge\Plazma ERP+CRM 0.1.7\db\result\mysql\en\result_work_db.sql

Tip: The script result_work_db.sql is defined for setting up a production database. For the demo database the script result_demo_db.sql is defined.

Now you have to enter the JDBC parameters for your database using the Configuration Manager. In the distribution of Plazma the JDBC driver for MySQL is included in the directory /lib/jdbc/mysql/mysql-connector-java-5.0.5-bin.jar.

Configuration Manager
Met de Configuration Manager kunt u de Properties, Classpath en JDBC instellingen van uw Plazma ERP + CRM omgeving vastleggen en onderhouden.

- Ga naar Start > Alle Programma’s > Plazma ERP + CRM x.y.z > Config Manager.

Configuration Manager
With the Configuration Manager you can enter or update the Properties, Classpath and JDBC settings for your Plazma ERP + CRM environment.

- Go to Start > All Programs > Plazma ERP + CRM x.y.z > Config Manager.

plazma-configuration-manager

In de linkerkolom ziet u de drie instellingen die u kunt onderhouden. Voor elk van de instellingen wordt een afzonderlijk bestand aangemaakt in de directory C:\ProgramFiles\PlazmaForge\Plazma ERP+CRM 0.1.7\.
* Properties = plazma.properties
* Classpath = plazma.classpath

Voor de JDBC instellingen wordt een bestand aangemaakt in de directory C:\ProgramFiles\PlazmaForge\Plazma ERP+CRM 0.1.7\conf\
* JDBC = jdbc.properties

Let op wanneer u de JDBC instellingen van uw database wijzigt dan verdwijnen de voorgaande instellingen. Het is dan niet mogelijk om eenvoudig te switchen tussen de MySQL en de HSQL database omdat er geen mogelijkheid aanwezig is om meerdere instellingen op te slaan.

In de Administration Guide kunt wel alle instellingen voor de beschikbare databases terugvinden.

Tip: Om toegang te verkrijgen tot de database moet u er wel zorgen dat een systeemgebruiker is aangemaakt tijdens het initialiseren en inrichten van uw database.

De JDBC parameters voor de MySQL database zijn:

In the left column you can see the three settings that you can maintain. For each of these settings a separate file is created in the directory C:\ProgramFiles\PlazmaForge\Plazma ERP+CRM 0.1.7\.
* Properties = plazma.properties
* Classpath = plazma.classpath

For the JDBC settings a file is created in the directory C:\ProgramFiles\PlazmaForge\Plazma ERP+CRM 0.1.7\conf\
* JDBC = jdbc.properties

Be careful when you change the JDBC settings of your database the previous settings will be removed and it is not possible to simply switch between MySQL and HSQL. You will have to manually change the settings each time you switch from database. In the Administration Guide you can find the settings for all available databases.

Tip: To access your database you have to ensure that a system user is defined during the initialisation and setup of the database.

The JDBC settings for the MySQL database are:

plazma-configuration-manager-jdbc-mysql

U kunt nu de Plazma ERP + CRM applicatie starten via Start > Alle Programma’s > Plazma ERP + CRM x.y.z > Plazma ERP + CRM x.y.z

You can start the Plazma ERP + CRM application using Start > All Programs > Plazma ERP + CRM x.y.z > Plazma ERP + CRM x.y.z

Plazma Business Solution ERP + CRM

Plazma ERP + CRM is een gebruikersvriendelijke ERP en CRM applicatie voor kleine en middelgrote bedrijven. Plazma ERP + CRM is ontwikkeld door Oleh Hapon uit Kyiv, Oekraïne. De software is gratis beschikbaar onder de Lesser GNU Public License (LGPL).

De functionaliteit die wordt aangeboden bestaat uit:
- Contacts Management voor het onderhouden van contacten en het bijhouden van afspraken, telefoongesprekken, bijeenkomsten, emails en andere documenten. Een sterke zoekfunctie maakt het mogelijk om snel belangrijke informatie terug te vinden.

- Accounts Management voor het opslaan en onderhouden van klanten en opportunities.

- Products Management voor het opslaan en onderhouden van productgegevens.

- Sales Management voor het opslaan en onderhouden van verkooporders, voorspellingen en offertes.

- Campains Management voor het plannen en opvolgen van marketing en sales campagnes.

- Analytical Reports voor het analyseren van de sales activiteiten (voorspellingen en prestaties) van het verkoopteam.

Plazma ERP + CRM is a userfriendly application for small and medium enterprises. Plazma ERP + CRM is developed by Oleh Hapon from Kyiv, Ukraine. The software is freely available under the Lesser GNU Public License (LGPL).

The functionality provided consists of:
- Contacts Management for the storage and management of contacts, negotiations, phone calls, tasks meetings, emails and documents.

- Accounts Management for the storage and management of customers and opportunities.

- Products Management for the storage and management of product data.

- Sales Management for the storage and management of sales activities.

- Campains Management for managing marketing and sales campains.

- Analytical Reports for analyzing the performance of the sales team (sales forecasts and results) by generating activity reports.

Er zijn twee verschillende software versies van Plazma ERP + CRM beschikbaar:
- de Standalone software is een Rich Client die zowel de functionaliteit van de client als de applicatieserver bevat en rechtstreeks communiceert met een database server. Deze software versie ondersteunt 1 tot 3 werkstations en kan gebruikt worden voor demonstratiedoeleinden.

There are two different versions of Plazma ERP + CRM available:
- the Standalone software is a Rich Client that contains the functionality of the client and the application server and is able to connect directly to a database server. This software version supports 1 to 3 workstations and can be used for demonstration purposes.

plazma-variant-rich-client

- de Server omgeving bestaat uit client software en een applicatieserver. De client software bestaat in twee varianten: een Rich Client en een Web Client. De Rich Client is een GUI applicatie en de Web Client is een Internet Oplossing.

- the Server environment consists of client software and an application server. The client software has two variants: a Rich Client and a Web Client. The Rich Client is a GUI applicaton and the Web Client is an Internet Solution.

plazma-variant-application-server

Voor de applicatieserver zijn twee opties aanwezig:
- de Plazma EJB Server maakt gebruik van JBoss als EJB Container

- de Plazma Lite Server is een server applicatie die gebruik maakt van Remote Method Invocation (RMI) en het Spring raamwerk

Plazma ERP + CRM komt standaard met HSQL als database maar kan werken met verschillende databases waaronder MySQL, PostgreSQL, Oracle en Firebird. U dient alleen de database aan te maken en een aantal SQL scripts uit te voeren die standaard worden meegeleverd in de folder \Plazma\db\result\.

Let op: Wanneer u de Plazma Server versie installeert moet u eerst de server installeren en daarna de client.

For the application server there are two options available:
- the Plazma EJB Server that uses JBoss as the EJB Container

- the Plazma Lite Server is a server application that uses Remote Method Invocation (RMI) and the Spring framework

Plazma ERP + CRM is standard delivered with the HSQL database but works with various databases such as MySQL, PostgreSQL, Oracle en Firebird. You only have to create the database and run some SQL scripts that are provided in the folder \Plazma\db\result\.

Attention: When you install the Plazma Server you first have to install the server and thereafter the client.

Read more — Meer lezen

MyJSQLView voor het onderhoud van de gegevens in uw database

MyJSQLView is een grafisch gereedschap voor het onderhouden en beheren van gegevens in databases. Het gereedschap richt zich vooral op het toegankelijk maken van gegevens. U kunt gegevens bekijken, toevoegen, aanpassen en zelfs verwijderen. Eveneens is de mogelijkheid aanwezig voor het exporteren en importeren van gegevens.

Deze import- en exportfunctionaliteit is de voornaamste reden waarom ik MyJSQLView ben gaan gebruiken. Het is zelfs mogelijk om een backup en replicatie van een database te maken door de database en het database schema te exporteren en te importeren in een andere database server. Met behulp van MyJSQLView wil ik de stamgegevens van de Open Source ERP / CRM applicatie Plazma, waarover ik het later zal hebben, initialiseren en aanvullen.

MyJSQLView ondersteunt MySQL, PostgreSQL en HSQL databases via Java Database Connectivity drivers. De mogelijkheid om toegang tot andere databases te realiseren is volledig ingebouwd in de architectuur van MyJSQLView. MyJSQLView voorziet slechts in toegang tot één database per sessie. Het is wel mogelijk om meerdere databases gelijktijdig te openen via verschillende sessies van MyJSQLView.

MyJSQLView is een Java programma en vereist een Java Runtime Environment (JRE). Voor de goede werking is een recente versie van JRE aangeraden, minimaal JRE 2.4.

Ga naar de website van MyJSQLView voor het downloaden van de applicatie. Klik op de link Downloads bovenaan de website en download de laatste versie van het platformonafhankelijke zip-bestand myjsqlview_beta_x.y.zip.

Open het zip-bestand en pak het uit naar een folder van uw keuze, bij voorkeur C:\ProgramFiles\. Maak daarna een koppeling aan naar de MyJSQLView.jar. Ga naar uw desktop: Rechtermuisknop > Niew > Koppeling > Zoek en Selecteer de MyJSQLView.jar in de directory C:\ProgramFiles\MyJSQLView\.

U moet eveneens zorgen voor installatie van JDBC drivers voor de databases die u wilt benaderen. Voor MySQL moet u de MySQL® Connector/J downloaden van de website van MySQL. Download de laatst beschikbare versie van de MySQL Connector.

Het is verstandig om de jar-bestanden voor deze connectoren te installeren in een afzonderlijke folder en deze folder op te nemen in de Java CLASSPATH omgevingsvariabele (CLASSPATH=.;C:\ProgramFiles\MySQL\mysql-connector-java-5.1.6-bin.jar). Helaas om een nog onverklaarbare reden lijkt dit niet te werken en moet het jar-bestand opgeslagen worden in de directory C:\Program Files\Java\jre1.6.0_05\lib\ext\. De CLASSPATH is dan niet nodig.

Dubbelklik nu op deze shortcut voor het starten van MyJSQLView. De eerste maal zult u een aantal parameters moeten vastleggen waarmee u toegang verkrijgt tot uw database. MyJSQLView gebruikt TCP/IP voor het maken van verbinding met de database vandaar deze parameters.

De parameters zijn:
- Host: localhost of 127.0.0.1
(geef de naam van uw database server op)

- Database: plazma_db
(geef de naam van uw database op want een database server kan meerdere databases bevatten)

- User: gebruikersnaam voor de database server

- Password: wachtwoord horende bij bovenstaande gebruikersnaam

MyJSQLView is a graphical tool for the maintenance and management of data in a database. The tool enables viewing, adding, editing or deleting data and provides various options for importing and exporting data. It is possible to backup and replicate a database by exporting the database or database scheme and import these in another database server.

The import- and export functionality is my main reason for using MyJSQLView. I intend to use MyJSQLView to initialise and update the master data of the Open Source ERP / CRM application Plazma.

MyJSQLView supports MySQL, PostgreSQL and HSQL databases through Java Database Connectivity drivers. The capability to connect to other databases has been fully build into the core architecture of MyJSQLView. MyJSQLView provides access to only one database per session. It is possible to open multiple databases at the same time by using different sessions of MyJSQLView.

MyJSQLView is a Java program and requires a Java Runtime Environment (JRE) to be installed. It is advised to install the most recent version of JRE, at a minimum JRE 2.4 is needed.

Download the application from the website MyJSQLView. Click on the link Downloads on top of the page and download the latest version of the platform independent zip-file myjsqlview_beta_x.y.zip.

Unpack the zip-file to a folder of your choice, perferably C:\ProgramFiles\. Afterwards add a shortcut to the MyJSQLView.jar file on your desktop.

Go to your Desktop: Right click your mouse > New > Shortcut > Choose Browse > Find and Select the jar-file in the directory C:\ProgramFiles\MyJSQLView\.

You also need to install the appropriate JDBC drivers for the databases you want to maintain. For MySQL download the latest version of MySQL® Connector/J from the MySQL website.

Install the jar-file in a separate folder and include the path in the Java CLASSPATH environment variable. (CLASSPATH=.;C:\ProgramFiles\MySQL\mysql-connector-java-5.1.6\). Apparently using a separate folder seems not to work. Instead you have to install the jar-file in the directory C:\Program Files\Java\jre1.6.0_05\lib\ext\.

Doubleclick on the shortcut to launch MyJSQLView. The first time a few parameters are required to gain access to your database. MyJSQLView uses TCP/IP for the connection with the database.

The parameters are:
- Host: localhost or 127.0.0.1
(enter the name of the database server)

- Database: plazma_db
(enter the name of the database because a database server can have several databases)

- User: username for the database server

- Password: password that belongs to the username

myjsqlview-login-screen

Read more — Meer lezen

Multi-Language Weblog Functionality

TEST NEDERLANDSE TAAL

TEST ENGLISH LANGUAGE.

TWEEDE TEST NEDERLANDSE TAAL

SECOND TEST ENGLISH LANGUAGE.

DERDE TEST NEDERLANDSE TAAL

THIRD TEST ENGLISH LANGUAGE.

De laatste weken heb ik gewerkt aan uitbreiding van mijn weblog met functionaliteit voor ondersteuning van meerdere talen. Al geruime tijd was ik van plan om zowel in het Nederlands als in het Engels te gaan publiceren maar daarvoor moest ik wel eerst over multi-language functionaliteit beschikken. Een zoektocht op het Internet leverde wel wat resultaten op maar deze waren allemaal complex en moeilijk te doorgronden.

Uiteindelijk heb ik besloten zelf een poging te wagen om deze multi-language functionaliteit te ontwikkelen. Daarvoor heb ik een aantal van de beschikbare voorbeelden bestudeerd en vooral veel gelezen over CSS, HTML, XHTML, DOM en JavaScript. Op de website van W3 Schools is veel informatie te vinden over deze onderwerpen.

De eisen waaraan de functionaliteit voor mij moest voldoen waren beperkt:
- eenvoudig en beperkte hoeveelheid code
- overeenkomen met bestaande functies zoals itemToggle:
- minimaal ondersteuning bieden voor twee talen

The past weeks I have been working on extending my weblog with functionality for blogging in multi-languages. This was something I planned to do a long time ago but I could not find the time nor a suitable solution.

For a few months I have searched the Internet looking for examples but all the solutions I found were complex and difficult to understand. Finally I decided to give it a try myselve and build the multi-language functionality I had in mind. Since I am not an expert I had to do some studying and reading about JavaScript, CSS, HTML, XHTML and DOM. On the website of W3 Schools there is a lot of information available about these topics that were very useful.

My requirements for this multi-language functionality were limited:
- few lines of simple code
- similar to the existing function itemToggle
- minimal support for two languages

Read more — Meer lezen

Transformatiedefinities voor de Elektronische Factuur

Het opstellen van transformatieregels voor de transformatie van berichten tussen verschillende standaarden mag niet worden onderschat. Het vereist grondige kennis van berichtstandaarden en van de betekenis van gegevens binnen een bedrijfsdomein. De Core Components Technical Specification (CCTS) en de Universal Data Element Framework (UDEF) streven naar een semantisch referentiekader voor de realisatie van informatieinteroperabiliteit. Wanneer beide concepten algemeen geaccepteerd en doorgevoerd worden dan zal transformatie veel eenvoudiger worden.

De Core Components Technical Specification kent aan elke Business Information Entity een unieke identificatie en Dictionary Entry Name (DEN) toe, net als de Universal Data Element Framework. Voorbeeld: De Invoice Issuer, de persoon of organisatie die de factuur uitgeeft, heeft als CCTS Unique ID de waarde UN01001476 en als DEN Invoice Issuer_ Party. Primary_ Identification. Identifier gekregen. De Universal Data Element Framework UDEF ID die daarmee overeenkomt is y.3_2.35.8 en de UDEF Name is Supplier.Enterprise_Purchaser.Assigned.Identifier.

Voor het verkrijgen van een beter beeld van de complexiteit van het transformeren van berichten en ter voorbereiding van het gebruik van transformatiegereedschappen ga ik de transformatieregels van de factuur uitwerken.

Het factuurproces richt zich op de uitwisseling van de factuur tussen leverancier en klanten voor geleverde goederen of diensten. Ter vereenvoudiging van het proces worden andere deelnemers buiten beschouwing gelaten. Zowel de klant als de leverancier kan in het proces meerdere rollen vervullen. Zo kan de klant acteren als klant (customer), besteller (buyer), ontvanger (consignee), invoicee en payer (betaler). De leverancier als leverancier (supplier), verkoper (seller), afzender (consignor), invoice issuer en payee.

Er zijn twee soorten factuurprocessen:
- de traditionele of door de leverancier geïnitieerde factuur waarbij de factuur door de leverancier wordt gegenereerd naar de klant

- de self-billing invoicing waarbij de factuur door de klant wordt gegenereerd naar de leverancier

Ik ga de mappingdefinitie uitwerken voor de traditionele factuur voor volgende internationale berichtstandaarden.

Defining transformation rules for the transformation of messages between different international standards should not be underestimated. It is a difficult task that requires extensive knowledge of these message standards and the data within the Business domain.

The Core Components Technical Specification (CCTS) and the Universal Data Element Framework (UDEF) define a semantic reference framework, principles and standards, for achieving information interoperability. Whenever both concepts are commonly accepted and implemented then transformation will become a lot easier.

The Core Components Technical Specification assigns each Business Information Entity a unique identifier and Dictionary Entry Name (DEN), similar to the Universal Data Element Framework. Example: The Invoice Issuer, the person or organization making and issuing the invoice, gets the CCTS Unique ID UN01001476 and DEN Invoice Issuer_ Party. Primary_ Identification.Identifier. The Universal Data Element Framework UDEF ID that corresponds is y.3_2.35.8 and the UDEF Name is Supplier.Enterprise_Purchaser.Assigned.Identifier.

For a better understanding of the complexity involved in the transformation of messages and in preparation of the usage of transformation tools I am going to work out the transformation rules for the invoice.

The invoicing process is used to exchange an invoice between a supplier and customer for the supply of goods or services. To simplify the process only the supplier and customer parties are taken into account. Each of the parties can have more than one role. The customer can act as the customer or ordering company, buyer, consignee, invoicee and payer. The supplier covers the roles of supplier or sales company, seller, consignor, invoice issuer and payee.

There are two variants of invocing:
- the traditional or supplier initiated invoice, where the supplier generates and issues the invoice to the customer

- the self-billing invoicing, where the customer generates and issues the invoice to the supplier

I am going to work out the transformation rules for the traditional invoice from and to the following international standards.

Read more — Meer lezen

Hoe lossen we het interoperabiliteitsvraagstuk op ?

Voor het realiseren van integratie tussen bedrijfsprocessen en -systemen is het van groot belang dat een oplossing wordt gevonden voor het interoperabiliteitsvraagstuk. De kern van het vraagstuk is het ontbreken van informatieinteroperabiliteit tussen bedrijfsondersteunende systemen. Al jaren is het één van de beperkende factoren in de realisatie van inter-enterprise collaboratieve bedrijfsprocessen en gegevensuitwisseling.

Voor het doorbreken van de problematiek rondom de transformatie van informatieelementen tussen verschillende standaarden zijn de laatste jaren een tweetal benaderingen uitgewerkt:
- de UN/CEFACT Core Components Technical Specification (CCTS)

- Universal Data Element Framework (UDEF)

De UN/CEFACT Core Components Technical Specification (CCTS) is een syntax-neutrale methodologie voor het ontwikkelen van een gemeenschappelijke verzameling semantische bouwstenen of informatieelementen. De Core Components Technical Specification is gebaseerd op de ISO 15000-5 (ebXML Core Components Technical Specification).

Deze specificatie wil een oplossingsgerichte aanpak bieden voor het alom bekende interoperabiliteitsvraagstuk. De Core Components Technical Specification definieert een semantische basis waarop XML Standaarden gebaseerd kunnen worden.

De specificatie richt zich op twee gebieden:
- Core Components (CC’s):
Core Components zijn de semantische bouwstenen, conceptueel van aard, voor het ontwikkelen van data- en informatiemodellen.

- Business Information Entities (BIE’s):
Business Information Entities zijn context-specifieke toepassingen of afbeeldingen van conceptuele core components binnen een bedrijfsdomein. BIE’s worden altijd afgeleid van CC’s.

De UN/CEFACT ontwikkelt en onderhoudt een universele Core Component Library (CCL) met gratis toegang voor de Core Component gemeenschap. Hiermee wil de UN/CEFACT een bijdrage leveren aan het verbeteren en vereenvoudigen van de wijze waarop partijen overheen bedrijfsgrenzen (applicaties en systemen) en domeinen (sectoren) met elkaar elektronisch gegevens kunnen uitwisselen. De Core Component Library bevat alleen Business Information Entities.

Een aantal belangrijke uitgangspunten en regels die onderschreven moeten worden zijn:
- Het gebruik van de Dictionary Entry Name (DEN):
De Dictionary Entry Name (DEN) is de unieke officiële naam van een Core Component of Business Information Entity in het woordenboek. De CCTS schrijft voor dat voor de naamgeving (Dictionary Entry Name) de Oxford English Dictionary gevolgd dient te worden.

- Het toekennen van Unique Identifier aan instanties van Core Components:
De Unique Identifier zorgt ervoor dat naar een Core Component en een Business Information Entity op een unieke wijze gerefereerd kan worden.

Om alle interoperabiliteitsproblemen nu voorgoed uit te bannen dienen alle standaardisatieinstellingen de CCTS benadering en regels door te voeren en te volgen. Daarenboven moeten de Core Componenten van deze instellingen eveneens opgenomen worden in de Core Component Library (CCL) met een unieke identifier.

Alleen dan wordt het mogelijk om in de toekomst eenvoudig en misschien zelfs automatisch transformaties tussen verschillende standaarden te realiseren. De standaarden die momenteel zijn gebaseerd op de CCTS hebben zich grotendeels geconformeerd aan de ontwikkeling en het gebruik van Core Components en Business Information Entities.

XML Standaarden gebaseerd op de Core Components Technology Specification zijn ondermeer:
- OASIS Universal Business Language (UBL)
- Open Applications Group (OAGIS)
- UN/CEFACT

Helaas hanteren de instellingen voor de naamgeving van de Business Information Entities verschillende namen voor dezelfde objecten. Daardoor blijft het moeilijk om eenduidige uniforme transformatieregels op te stellen.

De andere benadering die gevolgd kan worden is deze van de Open Group, de Universal Data Element Framework (UDEF). Het Universal Data Element Framework is een uitvoering van de naamgeving conventies zoals gespecificeerd door de International Standardization Organization for Metadata Registries (MDR) in het document ISO/IEC 11179. De UN/CEFACT Core Components Technology Specification naamgeving regels zijn eveneens gebaseerd op de ISO 11179 specificatie.

De UDEF is een methode voor het categoriseren van informatieelementen door middel van het toekennen van een alfanumerieke sleutel (tag) en een eenvoudige naam aan een gegeven. Het volledige UDEF ID van een informatieelement wordt bepaald door het doorlopen van de UDEF Tree bestaande uit Objecten en Properties.

Voor het informatieelement Inkoop Order Nummer (Purchase Order Document Number) betekent dit:
UDEF Tag = “d.t.2_8″ en de UDEF Name = “purchase.order.document_identifier”.

De boomstructuur voor het Object “Purchase Order Document” is opgebouwd uit:
Document (tag 2)
- Order (tag t).
- Purchase (tag d).

De boomstructuur voor de Property is opgebouwd uit:
Identifier (tag 8 )

Om een beter beeld te krijgen van enerzijds de complexiteit van het gebruik van de CCTS door de verschillende standaardisatieinstellingen en anderzijds de problematiek van het opstellen van transformatieregels ga ik de transformatie van een factuur naar verschillende standaarden uitwerken. Daarbij zal ik uitgaan van de UN/CEFACT Cross Industry Invoice (CII) specificatie die is opgesteld door de UN/CEFACT in samenwerking met verschillende industriesectoren.

Ga hiervoor naar mijn bloart: Transformatiedefinities voor de Elektronische Factuur.

Transformatie van een UBL Invoice naar een OAGI Invoice met ChainBuilder ESB IDE

In mijn vorige bloart over de Installatie van de Bostech ChainBuilder ESB heb ik u een algemene introductie gegeven in de ChainBuilder Enterprise Service Bus van Bostech en de Java Business Integration (JBI) specificatie.

Hierna ga ik met behulp van de de Map Editor van ChainBuilder ESB een Message (Transformatie) Map ontwikkelen waarmee een UBL Invoice ingelezen en getransformeerd kan worden naar een OAGI Invoice. Voor de transformatie ga ik uit van de laatste versies (UBL 2.0 en OAGI 9.1) van beide standaarden omdat deze beter aansluiten bij de UN/CEFACT Core Components Specification.

De UBL Standaard kunt u downloaden van de website: www.oasis-open.org via de optie OASIS Standards in de linkerkolom.

De OAGI Standaard kunt u downloaden van de website: www.oagi.org via de optie Free Downloads in de linkerkolom.

Read more — Meer lezen

XAware data integratie met een service georiënteerd tintje

Het bedrijf XAware, Inc. is opgericht door Bill Miller (CTO) en Kirstan Vandersluis (Chief Science Officer) in 1999 en gevestigd in Colorado Springs, USA en heeft een dataintegratie gereedschap ontwikkeld voor de realisatie en ondersteuning van een Service Oriented Architecture (SOA).

XAware ondersteunt enkele belangrijke industriestandarden waaronder ACCORD (Insurance Data Standards - ACORD XML & EDIFACT), HL7 (Healthcare) en zowel SWIFT als IFX (Interactive Financial eXchange - Finance).

Sinds November 2007 is de XAware Suite als Open Source Data Integratie Oplossing vrij beschikbaar onder de GPL v2 licentie. De XAware Suite bestaat uit een ontwikkelomgeving, de XAware Designer, en een run-time machine, de XAware Engine. Naast deze componenten kent XAware Adapters en Connectors die zorgdragen enerzijds voor de logische connectiviteit met de applicaties en anderzijds voor de logische en technische connectiviteit tussen de bron en bestemming.

De voornaamste componenten van de XAware Suite zijn in het plaatje hieronder weergegeven:

Read more — Meer lezen

Ontwikkelen UBL Schema Template met XAware Designer

Als voorbeeld voor het werken met XAware ga ik gebruik maken van de berichtenstandaard Universal Business Language versie 2.0 (UBL 2.0) van OASIS. Deze kunt u downloaden van de website van OASIS via het overzicht van OASIS standaarden.

Download de OASIS UBL 2.0 berichtdefinities en pak het zip-bestand uit naar een folder van uw keuze.

Wanneer u met industrie XML Standaarden aan de slag wil in XAware dan moet u een aantal stappen doorlopen:
- Stap 1: Maak een standaard project aan onder Eclipse en importeer de berichtdefinities

- Stap 2: Definieer een Schema Template Catalogus

- Stap 3: Maak een XA-Designer project aan

- Stap 4: Converteer het XML Schema van een specifiek bericht naar een XML Instantie

- Stap 5: Importeer de XML Instantie in uw catalogus

Stap 1: Maak een standaard project aan onder Eclipse en importeer de berichtdefinities
- Klik met uw rechtermuisknop in het Project Navigatiescherm en selecteer de menuoptie New > Project

xaware-new-project

- Open in de New Project wizard de node General en selecteer de optie Project

- Klik op de knop Next en geef daarna uw project de naam XML-Standards

- Klik op de knop Finish

In het Project Navigatiescherm wordt daarna het aangemaakte project getoond.

- Klik met uw rechtermuisknop op het project en selecteer de menuoptie Import

- Open in de Import wizard de node General en selecteer de optie File System

- Klik op de knop Next

- Klik achter het veld From directory op de knop Browse en ga naar de folder met de UBL berichtdefinities. Deze folder heeft de naam os-UBL-2.0.

- Selecteer deze folder en klik op de knop OK

- In het importscherm vink de folder aan en klik op de knop Finish.

De complete folder met alle onderliggende folders worden geïmporteerd.

Read more — Meer lezen

Installatie van de JFire Eclipse RCP client

Ga naar de website jfire.org en selecteer onder het Main Menu de optie Download. Selecteer de Client binary onder de JFire-Max categorie.

Installeren van de JFire Eclipse RCP client
Download het bestand JFire-Max_x.y.z-rcp-win32.zip en unzip het naar de directory C:\ProgramFiles\eclipse-jfire-client.

Opstarten JFire Eclipse RCP client
Voordat u de JFIRE Eclipse RCP client opstart moet u de JFire server opstarten. Volg daarvoor de stappen 6 en 7 in mijn bloart Installeer de JFire development omgeving.

Open de folder eclipse-jfire-client en dubbelklik op het bestand jfire.exe voor het opstarten van de JFire Eclipse RCP client.

Standaard wordt de gebruikersinterface van de JFire client opgestart met het perspectief Trade Overview geopend. In de linkerkolom ziet u het overzicht met beschikbare functies binnen de trade module en onderaan ziet u de taalinstelling. Bovenaan kunt u de knop met het sleutel-ikoontje vinden waarmee u kunt inloggen in de JFire database en onderaan ziet u de status van de connectie.

De Trade Overview bevat de functionaliteiten:
- Trade Overview met de documenten: DeliveryNote, Invoice, Offer, Order en Reception Note
- Accounting met de Accounts
- Store met de Repositories

jfire-client-startup-screen

Openen van de JFire Chezfrancois Database
- Klik op het sleutel-ikoontje bovenaan het scherm voor het maken van de connectie met de JFire database.

- Klik op de knop Details zodat u al de gevraagde inlog-gegevens ziet want voor het maken van de connectie met de JFire database moet u al de volgende login-gegevens opvoeren:
* Username: francois
* Password: test

* Workstation: workstation00.jfire.org
* Organisation: chezfrancois.jfire.org
* Server URL: jnp://localhost:1099
* Initial Context Factory: org.jboss.security.jndi.LoginInitialContextFactory

Klik op de knop Login

jfire-client-login-db

Wanneer u bent aangemeld in de chezfrancois.jfire.org database ziet u onderaan de connectiestatus verschijnen:

jfire-client-connectie-status

Reset de JFire Server Configuratie

In een aantal gevallen zal het nodig zijn om de JFire Server Configuratie te resetten. Volg daarvoor onderstaande stappen.

Wanneer u de databasestructuur hebt gewijzigd voer dan alle stappen uit. Als u problemen hebt met het configureren van de JFire server voer dan stappen 1, 5 en 6 uit.

Read more — Meer lezen

Installatie van de ChainBuilder Enterprise Service Bus

ChainBuilder is een Open Source Enterprise Service Bus ontwikkeld door het bedrijf Bostech Corporation. De ChainBuilder ESB bestaat uit een runtime- en ontwikkelomgeving met een grafisch configuratie en ontwerp gereedschap voor Eclipse. De software is vrij beschikbaar onder de Open Source General Public License (GPL) maar eveneens te verkrijgen met een Commerciële licentie.

De ChainBuilder ESB is een Java Business Integration (JBI) compliant oplossing voor gebruik in Service Oriented Architecture (SOA) omgevingen. De oplossing is ontwikkeld voor het realiseren van betrouwbare en snelle Java Business Integratie implementaties en biedt naast XML-functionaliteit de mogelijkheid voor het werken met legacy (non-xml) gegevensformaten.

De ChainBuilider ESB oplossing bestaat uit een verzameling van gereedschappen en componenten gebaseerd op de Java Business Integration (JBI) specificatie. De ChainBuilder ESB kan samenwerken met alle bestaande JBI compatibele containers en componenten. De eerste versie van de ChainBuilder ESB wordt geleverd met Apache ServiceMix 3.0.

Read more — Meer lezen

HR-XML schema’s doorgronden met hyperModel en Eclipse WTP

De HR-XML Consortium heeft een bibliotheek samengesteld bestaande uit +100 XML Schema’s. Deze XML Schema’s ondersteunen de voornaamste Human Resource Management processen en transacties.

De volledige bibliotheek kunt u downloaden van de website: www.HR-XML.org via het menu DOWNLOADS. Selecteer de laatst beschikbare stabiele versie die beschikbaar wordt gesteld op de Download-webpagina (momenteel versie 2.5). Als u een eerdere versie wilt downloaden klik op de link comprehensive index. Voor de versie 2.3 klik met uw rechtermuisknop op het jaar 2004 August en download het bestand ALLHRXML200408.zip. Pak daarna het zip-bestand uit naar een folder van uw keuze.

De download bevat eveneens de HR-XML Staffing Industry Data Exchange Standards (SIDES) XML Schema Definities. Wanneer u de HR-XML SIDES standaard gaat gebruiken voor het uitwisselen van informatie dan dient u zich te conformeren aan de gebruiksconventies teneinde de interoperabiliteit van de standaard te waarborgen. De structuur en de relevante velden van de HR-XML berichten zijn vastgelegd in XML Schema’s die u kunt terugvinden in het zip-bestand.

Read more — Meer lezen

Installeer hyperModel, het analyse- en ontwikkelgereedschap voor UML en XML

hyperModel is een analyse- en ontwikkelgereedschap voor XML schema’s en UML diagrammen. hyperModel legt de nadruk om het verhogen van inzicht in Business modellen via dynamische, multi-dimensionale views.

hyperModel is ontwikkeld door de schrijver van het boek Modeling XML Applications with UML: Practical e-Business Applications (The Addison-Wesley Object Technology Series), David Carlson. hyperModel is volledig gebouwd gebruikmakende van de Eclipse UML2 en XSD bibliotheken en het Eclipse Modeling Framework (EMF). Modellen ontwikkeld met IBM’s Rational Software Modeler (RSM) 6.0/7.0 zijn volledig uitwisselbaar met hyperModel en omgekeerd. Beide applicaties zijn gebaseerd op de Eclipse EMF en UML2 projecten.

De functionaliteit van hyperModel bestaat ondermeer uit:
- importeren van een XML Schema en genereren van een UML diagram
- genereren van een XML Schema uitgaande van een UML diagram

Voor meer informatie over hyperModel kunt u de website van het XMLmodeling.com bezoeken.

Read more — Meer lezen

Installeer de JFire development omgeving

De installatie van JFire voor development doeleinden staat uitgebreid beschreven in de wiki van JFire onder de link Getting started with JFire development. Op deze webpagina klikt u op de link Development Environment Setup om naar de instructies voor het automatisch inrichten van JFire te gaan.

Ik heb deze instructies recent doorlopen en op basis van de opgedane ervaring de stappen beschreven die gevolgd moeten worden om de JFire development operationeel te maken. Ik ga in mijn aanpak iets verder dan de JFire instructie door het opstarten van de JFire development server eveneens uit te voeren vanuit Eclipse.

Stap 1: Downloaden en installeren van Java SDK
Als u Java SDK versie 5.0 en Eclipse SDK versie 3.3 reeds hebt geïnstalleerd op uw computer dan kunt u stap 1 en 2 overslaan.

Read more — Meer lezen

jFire de Open Source ERP en CRM applicatie

JFire is een Open Source ERP / CRM applicatie, ontwikkeld door het bedrijf NightLabs en gratis beschikbaar onder de GNU Lesser General Public License (LGPL licentie).

JFire kent een modulaire architectuur en bestaat uit een server en een client, die beiden zijn ontwikkeld in Java. De belangrijkste modules van JFire zijn:
- NightLabs Base
- JFire Base
- JFire Trade
- JFire Reporting
- NightLabs Editor2D
- JFire Simple Trade
- JFire Dynamic Trade
- JFire Voucher

Deze modules leveren gezamelijk de volgende functies:
- gebruikersmanagement en autorisatie
- ordering
- invoicing
- reporting
- store
- multi-language
- multi-currency
- multi-company
- multi-accounting

My Zimbio I Flock
Copyright © 2000 - DanGa Design